Deelnemers textielconvenant verder aan de slag met risicoanalyse

13 maart 2018
Stapel kleurige stoffen. Illustratie bij IMVO Convenant Duurzame Kleding en Textiel.
Deelnemers aan het Convenant Duurzame Kleding en Textiel doen continu onderzoek naar hun productieketen. Vorig jaar werden alle productielocaties in kaart gebracht. Het ging daarbij om de fabrieken waar de kleding in elkaar wordt gezet. Nu, in het tweede jaar, wordt ook een overzicht gemaakt van gebruikte materialen. Het doel: mogelijke risico’s in productielanden in kaart brengen en voorkomen.

Misstanden voorkomen

Het textielconvenant is tot stand gekomen om problemen in de productieketen van kleding en textiel aan te pakken. Om arbeidsomstandigheden te verbeteren en zaken als kinderarbeid en milieuvervuiling te voorkomen. De productieketens zijn vaak ondoorzichtig, ook voor afnemers. Er is sprake van een wirwar aan leveranciers en toeleveranciers. Een eerste stap is dan ook een goede analyse van de productieketen, zodat je kan nagaan welke risico’s waar optreden.

Materiaalgebruik

Nu, in het tweede jaar van het convenant brengen bedrijven in kaart brengen welke materialen zij gebruiken. Het secretariaat van het textielconvenant heeft voor haar deelnemers handvatten ontwikkeld, die helpen om inzicht te krijgen. Zo wordt helder in hoeverre nu al duurzame materialen worden gebruikt én voor welke materialen verbeterstappen nodig zijn. 

Om het inzicht in duurzaamheidsrisico’s van materialen te bieden is gebruik gemaakt van bestaande tools van organisaties die het convenant steunen. Het gaat om de ‘MADE-BY environmental benchmark for fibers’ en de SAC Higg MSI. Ook biedt de tool inzicht in de dierenwelzijnsrisico’s van materialen. Dit is gebaseerd op factsheets die door een convenant-werkgroep zijn ontwikkeld. Deze factsheets worden binnenkort gepubliceerd.

Kaart van productielocaties

In het eerste jaar concentreerden deelnemers zich op hun productielocaties. Dit resulteerde toen in een unieke kaart die elk jaar herzien wordt. Op deze kaart is te zien waar deelnemende bedrijven hun kleding laten produceren. Kleding die deelnemers in Nederland verkopen bleek voornamelijk uit China, Turkije, India en  Bangladesh te komen. De bedrijven maakten een plan van aanpak om zaken als vakbondsvrijheid, arbeidsomstandigheden en milieuvervuiling ter plekke verder te onderzoeken en te verbeteren. Het gaat daarbij om hun eerstelijns leveranciers.

Vanaf volgend jaar wordt van bedrijven ook verwacht dat zij meer inzicht hebben in de schakels verder terug in de keten. Het gaat dan bijvoorbeeld om spinnerijen, ververijen en weverijen. Steunbetuiger Fair Labor Association (FLA) maakte een instrument dat deelnemende bedrijven kunnen gebruiken om aan de slag te gaan met die verdere ketenmapping. Het document biedt richtlijnen en strategieën om op allerlei niveaus toeleveranciers te onderzoeken.

Betrokken bij het convenant zijn

Deze website maakt gebruik van cookies. Wij gebruiken cookies onder andere om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren.