Over de Nederlandse kleding- en textielsector

De Nederlandse kleding- en textielsector heeft een omzet van € 20 miljard en biedt werk aan circa 100.000 werknemers in Nederland en 60.000 mensen die in opdracht van Nederlandse bedrijven werkzaam zijn in andere landen.
Kleding vormt ongeveer de helft van de omzet van de kleding- en textielsector. Dit betreft zowel consumentenkleding (40%) als sportkleding (5%) en bedrijfskleding (5%). De andere helft bestaat weer voor de helft uit woon- en huishoudtextiel (25%), inclusief tapijten en interieurtextiel, en voor de helft uit technisch textiel (25%). 

Circa de helft van de kledingomzet is afkomstig van niet-Nederlandse ondernemers die actief zijn op de Nederlandse markt. De totale omzet van de sector wordt gegenereerd door ondernemers in de handel en productie, waarvan een groot deel is aangesloten bij de drie brancheorganisaties. Een nog klein, maar groeiend deel van de omzet wordt gerealiseerd door bedrijven die handel en productie van textiel en kleding niet als hoofdactiviteit hebben, zoals supermarkten. 

Eeuwenlang bloeide de kleding- en textielsector in Nederland, waarbij Leiden, Twente en Brabant van oudsher de belangrijkste regionale centra waren. Er vindt in Nederland nog altijd productie plaats, maar de meeste kleding- en textielproducten worden tegenwoordig buiten Nederland en de Europese Unie geproduceerd.